* BNNVARA - Kan je eigenlijk nog wel in huizen beleggen zonder een complete lul te zijn?

Kan je eigenlijk nog wel in huizen beleggen zonder een complete lul te zijn?

leestijd 4 minuten
Kan je eigenlijk nog wel in huizen beleggen zonder een complete lul te zijn?

Surprise, surprise! De huizenmarkt trekt weer aan. Dit is deels te danken aan uitwisselingsstudenten en expats. Die komen hier maar wat graag en moeten toch ergens slapen. Alleen is het best zuur dat er bij een megavraag naar onderdak en een beperkt aanbod daarvan de prijzen enorm stijgen. Vaak wordt er dan gesteld dat de consument meteen de dupe is van deze ontwikkeling. Want duur. En dat is eigenlijk ook wel zo. Maar de consument is niet de enige gedupeerde. Er is namelijk een andere groep mensen die hier net zo veel last van heeft. Namelijk de beleggers. Deze mensen staan te boek als een maffiose bende onherroepelijke kutlullen zonder ziel, die genadeloos bijdraagt aan dit probleem. Onterecht. Grotendeels dan. Want de belegger heeft net zoveel last van deze ontwikkeling. En DAAROM neem ik het voor ze op.

Huisjesmelker

Het is jammer dat beleggers vaak in een negatief daglicht staan. Want er zijn enorm veel goede beleggers die het beste met hun huurders voor hebben. Zij laten na slechts een of twee telefoontjes de loodgieter langskomen om die lekkende kut-douchekop in je studentenwoning te maken. Hoera! Op dat moment maakt het geen reet uit dat je de boel ook eigenlijk zelf kon maken door met een moersleutel twee keer aan een losse bout te draaien. En ja, wat zou het dat de loodgieter hardop lachend je woning uit loopt? Je douchekop is gemaakt en dat is te danken aan de huisbaas. Yeah! Daarbij komt dat hun investeringen in de huizenmarkt ook bijdragen aan de economische groei (wel op korte termijn vaak). Klein detailtje, maar wel belangrijk. Denk ik zo.

Het idee dat huizenbeleggers niet heel koosjer zijn, komt natuurlijk door de huisjesmelker. Het type belegger dat het maximale rendement uit zijn investering wil halen en daarom de huurprijs omhoog krikt met zes miljard procent per jaar. En je woning onderhouden? Nee, bedankt. Dit beeld van de belegger is dominant in welke dialoog over de huizenmarkt dan ook. Als je het met je vrienden hebt over een lekkende douchekop of zoiets in je studentenwoning, dan heb je het veelal niet over een aardige huisbaas of begripvolle eigenaar die wél een loodgieter langs laat komen voordat je vijfhonderd telefoontjes gepleegd hebt of meerdere malen huilend bij zijn kantoor langs bent geweest. Nee. Integendeel zelfs. Je hebt het over een pedante lul. Mét blauwe ballen. Een nare man van eind veertig in een mislukt huwelijk die thuis niks te zeggen heeft en zijn opgekropte frustraties uit in zijn rol als huisbaas. Vaak tegenover jonge mensen, nota bene. Die op dat moment weerloos zijn en niets anders kunnen doen dan hun woordenwisseling met deze huisbaas diezelfde avond reconstrueren onder de douche. Een douche-ruzie. MET NOG STEEDS EEN LEKKENDE DOUCHEKOP. In zo’n reconstructie komt de student dan als winnaar uit de bus, dat dan weer wel. Iedereen heeft er ooit wel een keer (of honderd) (in)direct mee te maken gehad. Ook ik. 

Blije en boze stickers

Gelukkig is de politiek goed op de hoogte en legt zij haar oor te luister bij gedupeerde huurders. Sterker nog: er wordt her en der aan oplossingen gewerkt. Zo werkt onze Minister van Binnenlandse Zaken Kasja Ollongren (D66) aan een actieplan dat ze graag voor de zomer af wil hebben. Het moet leiden tot een soort keurmerk: als je lief bent, dan krijg je een blije sticker. En als je een eikel bent, dan krijg je een boze sticker en dan wil niemand meer een kamer bij je huren, of zoiets. 

Ik vind dit eigenlijk best een goed plan. Ware het niet dat het gebrek aan huizen in grote steden eigenlijk een groter probleem is. Want ja, je moet toch ergens wonen als student of starter of zo? Zeker als het je droom is om theaterwetenschapper (?) te worden en je dit maar op één universiteit in Nederland kan studeren. Dan wordt de keus ineens beperkt. En dan maakt zo’n boos stickertje weinig uit. Daarbij komt dat er al tal van zwarte lijsten op het internet beschikbaar zijn, waarop malafide huiseigenaren vaak met naam en toenaam worden genoemd. Stukje internetsolidariteit waar wij trots op mogen zijn, maar dat niet tot massale boycots van huisjesmelkerstuig heeft geleid.

Het wordt tijd dat wij huiseigenaren niet langer met een scheef oog aankijken. Want dan gaat het maar van kwaad tot erger tussen huurders en verhuurders. En die hebben elkaar gewoonweg heel hard nodig. Ook jij. Laten we die relatie dan ook niet stroef maken. En nogmaals, die goede beleggers zijn er echt! Heus! Neem nou bijvoorbeeld mijn goede vriend Bernhard jr.. Hij komt uit een redelijk rijk gezin. Bijna koninklijk rijk zelfs. Ik noem hem daarom voor de grap vaak ‘Prins Bernhard’ of ‘Lil’ B’. Want rappers zijn ook rijk. Bernhard is zelf ook belegger, want koninklijk rijk, en heeft een aantal woningen in zijn bezit: een stuk of 349. In Amsterdam, volgens mij. En die verhuurt hij aan mensen van alle leeftijden. Elk van hen heeft het prima naar zijn zin, en hij schiet zijn huurders altijd te hulp. Lekkende douchekranen bestaan niet in zijn woningen. Sterker nog: volgens mij heeft een lokale partij in Amsterdam hem zelfs de ludieke titel ‘Verhuurder van het Jaar’ genoemd in 2017. 

Zo kan het dus ook, beste lezer. Heb je huisbaas lief. Net als Bernhard dat doet met zijn huurders.