* BNNVARA - Wat hebben we geleerd in de DWDD Summerschool met Bart Van Loo?

Wat hebben we geleerd in de DWDD Summerschool met Bart Van Loo?

leestijd 6 minuten

De DWDD Summerschool met Bart Van Loo zat zó propvol geweldige geschiedenisverhalen, dat je misschien iets hebt gemist. En dus, handig: de DWDD Summerschool Naleesservice!

‘De Lage Landen zoals wij die kennen, is een Bourgondische uitvinding’, zo leidde Bart Van Loo zijn college in, de eerste DWDD Summerschool van het seizoen. Het daaropvolgende half uur zat propvol inzichtelijkheden en geweldige geschiedschrijving. Zó vol, dat je misschien iets hebt gemist. Wat was het geschiedenisverhaal dat Van Loo te vertellen had?

Onze contreien zagen er rond 1300 uit als een lappendeken van vorstendommen: Vlaanderen, Henegouwen, Holland, Zeeland, die óf tot het Franse Koninkrijk of tot het Heilige Roomse Rijk behoorden. ‘Stel vast dat wij niet bestaan’, zegt Van Loo als hij naar de kaart van die tijd kijkt. ‘En dan gebeurt er iets onwaarschijnlijks wat niemand aan had zien komen: in de veertiende, vijftiende eeuw zou er tussen die twee grootmachten plotseling een nieuwe staatkundige eenheid verschijnen: de Lage Landen. En dat hebben we te danken aan de vergeten Bourgondische hertogen.’

In een notendop: ‘Eerst bestonden wij niet. Toen kwamen de Bourgondiërs en hopla, daar waren de Lage Landen.’

1369
Van Loo vervolgt zijn vertelling over de Bourgondiërs in 1369, wanneer de Bourgondische hertog Filips de Stoute trouwt met Margaretha van Vlaanderen, de dochter van de Vlaamse graaf. Nou is Vlaanderen op dat moment een begeerde bruid (‘het Silicon Valley van Europa’, aldus Van Loo). Want net vóór de komst van de Bourgondiërs in onze contreien, had Vlaanderen een dubbele boom achter de rug: industrieel (als in: de lakenindustrie) en demografisch. Zo wonen rond 1300 in Gent zo’n 60.000 à 65.000 mensen – in Vlaanderen vond je de metropolen van hun tijd (ter vergelijking: Amsterdam telt dan 1000 inwoners).

1385
De Bourgondische hertog wil ‘de Bourgondische tentakels verder laten reiken dan Vlaanderen alleen,’ zoals Van Loo het uitlegt. En dus komt hij met een uitgekiende huwelijkspolitiek. In Camerijk (Noord-Frankrijk) zit deze Filips de Stoute met Albrecht van Beieren (graaf van Holland, Henegouwen en Zeeland) voor een huwelijksonderhandeling. ‘Een koehandel’, aldus Van Loo. Filips de Stoute komt aan met zijn dochter Margaretha, om haar te trouwen met Albrechts troonopvolger Willem van Holland. Albrecht wil ‘twee voeten in huis’, aldus Van Loo, en dus stelde hij een dubbelhuwelijk voor: zijn dochter (die óók Margaretha heet) moet dan trouwen met Filips’ troonopvolger Jan zonder Vrees. ‘Filips schiet een beetje in paniek, want hij denkt: ik had mijn zoon voorbestemd voor het Franse Koningshuis.’

De onderhandelingen tussen Filips en Albrecht zitten muurvast, maar dan is daar Johanna van Brabant, hertogin van Brabant en Limburg. Zij heeft heel veel problemen met haar noorderbuur, de hertog van Gelre. ‘Die hertog was echt een stokebrand, die samenspande met de Engelse koning en strooptochten organiseerde in Brabant.’ Omdat de huwelijksonderhandelingen tussen Filips en Albrecht muurvast zitten, denkt de Engelse koning: misschien kan ik mijn kinderen laten introuwen in Holland, Henegouwen en Zeeland. ‘Ineens ziet Johanna van Brabant het doembeeld van een Engelse tang rond Brabant. En dus springt ze op haar paard en rijdt naar Camerijk.’ Ze meldt Filips: als het dubbelhuwelijk kan doorgaan, dan leg ik – geen kinderen, geen troonopvolger – Brabant in het Bourgondische mandje. En zo komt het dubbelhuwelijk er toch – ondanks het feit dat de kinderen die Filips inbrengt, veertien (de zoon) en tien (de dochter) jaar oud zijn. Langzaam ontstaan de contouren van de Lage Landen.

Een Bourgondisch feest kon beginnen. Maar waarom waren Bourgondiërs zo druk met eten en de presentatie daarvan? ‘Bourgondiërs hielden van geintjes. Een gebraden haas gaven ze kattenoren. Op een grote zalm zetten ze een varkenskop.’ Waarom toch, waarom al die poeha? ‘Het was de Honderdjarige Oorlog; Engeland en Frankrijk bevochten elkaar tot de dood. De twee supermachten lagen op apegapen, er was een machtsvacuüm in Europa ontstaan.’ Bourgondië springt in dat vacuüm, met het Vlaamse geld. Maar omdat zij geen koningen zijn, maar slechts hertogen, maken ze die sprong met pracht en praal. ‘Zodat iedereen op den duur iets had van: die hertogen. Dát zijn pas koningen.’ Eten als propagandistische kunstwerken dus.

1419
Na de moord op Jan zonder Vrees wordt Filips de Goede de troonopvolger. ‘De man die we wel degelijk mogen beschouwen als de enige en echte maker van de Lage Landen.’ Hij krijgt meteen te maken met een vrouw, Jacoba van Beieren, de troonopvolgster van Willem van Holland. ‘Volle neef en volle nicht. Zij beginnen te vechten om Holland, Zeeland en Henegouwen. Een soort Game of Thrones-achtig verhaal.’ Filips de Goede wint, en zo breidt hij zijn positie verder uit. Zijn bastaardzonen (‘hij had er 26, officieel erkende, misschien had hij er 57 ofzo’) zet hij op sleutelposities. ‘Hij heeft de hele Lage Landen bij elkaar gepuzzeld.’

1453
Om van de lappendeken van de Lage Landen een geheel te maken, voert Filips de Goede prille vormen van inspraak in – het begin van democratie. In 1453 valt Constantinopel en daarmee het Oost-Romeinse Rijk. ‘Het nieuws van de eeuw’, aldus Van Loo. ‘En Filips de Goede geeft het feest van de eeuw.’

1454
Het feest van Filips de Goede wordt een historisch festijn voor de aristocratie: grootse muziek, een beeld van een vrouw met wijn uit een borst en een levende leeuw ervoor, een olifant met een man verkleed als vrouw. Een gecastreerde haan met een helmpje op, zittend op een gebraden varken, werd door vier dwergen de zaal binnengedragen. Het gáát maar door. In alle theaterverbazing (Van Loo: ‘Filips de Goede beseft dat hij een propagandistisch meesterwerk heeft geleverd waar je “u” tegen kunt zeggen’), dronken van verbazing en wijn, zeggen de hoge gasten toe mee op kruistocht te gaan naar Constantinopel (een wens van Filips, waar vóór dat feest weinig steun voor te vinden was).

1464
Pas na tien jaar is Filips klaar om te vertrekken naar Constantinopel. De steden roeren zich: hoe moet het hier verder als Filips in Contantinopel zit? ‘Om dat uit te klaren wordt in januari 1464 voor het eerst in onze geschiedenis de Staten Generaal van de Nederlanden bijeengeroepen’, zegt Van Loo. Plaats van handeling: het stadhuis van Brugge. ‘We kunnen niet anders dan dat moment beschouwen als de plechtige ondertekening van de geboorte van de Lage Landen. Van Willem van Oranje is nog lang geen sprake, maar wij bestaan. Dankzij de Bourgondiërs.’

Geinige taalweetjes:

-
Het woord ‘banket’ verwijst naar banken waar mensen destijds op zaten (niet op stoelen).

- Het Engelse woord knights, de voorgangers van de latere ridders, komt van het oud-Germaanse woord knecht.

- De term ‘een lans breken’ komt van het steekspel (onder meer gespeeld tijdens de Bourgondische tijd). Het was destijds de bedoeling om zoveel mogelijk lansen (een houten steel met een ijzeren punt) kapot te kraken op de tegenstander.

Foto home: BNNVARA/Roy Beusker